Vraag 1 (blz. 11 Te hoog begrote vergoeding van raadsleden)

Wat is de verklaring voor het feit dat men oorspronkelijk in de begroting van een te hoge vergoeding van raadsleden is uitgegaan?

Antwoord:

De oorspronkelijke kostenberekening (maart 2014) van de raadsleden was gebaseerd op de situatie van voor de toepassing van de werkkostenregeling. In de loop van 2014 werd duidelijk dat de gemeente de werkkostenregeling vanaf 1 januari 2015 in werking moest stellen (wettelijk). Dit had tot gevolg dat de onkostenvergoedingen van de raadsleden naar beneden zijn vastgesteld.

 

Vraag 2 (blz. 20 WMO)

 “Wij voeren de wettelijke verplichtingen die voortvloeien uit de WMO  doelmatig maar sober uit”.

Het begrip doelmatig is duidelijk, maar wat houdt die “soberheid” in ?

Antwoord:

Met soberheid bedoelen we adequate ondersteuning, in overleg met de burger, waar mogelijk binnen zijn/ haar eigen sociale netwerk.

 

Vraag 3 (  blz. 21 Fietstochten van het College)

“Het college gaat samen met de schoolgaande kinderen fietsen om zo hun schoolroute en de gevaren daarop vanuit hun perspectief in beeld te krijgen”.

Er is sprake van 27 basisscholen.

Aan hoeveel scholen denkt het College?

Antwoord:

Voornemen is om in eerste instantie 5 kernen aan te doen.

 

Vraag 4 (blz. 23  Onderzoek Speciaal onderwijs in de Krimpenerwaard)

“ In 2016 besproken met alle schoolbesturen”.

Bij dit onderzoek kunnen toch de beide Raden van Toezicht betrokken worden, waardoor dit onderzoek nog in 2015 afgerond kan worden?

Hoe eerder men beschikt over deze onderzoeksgegevens, des te eerder kan men starten met een school voor speciaal onderwijs in de Krimpenerwaard.

Antwoord:

In 2016 gaan wij met de schoolbesturen in overleg om het onderzoek naar speciaal onderwijs te starten.

 

Vraag 5 (blz.  25 t.a.v. de keukentafelgesprekken)

a.      Worden er met alle inwoners met een ondersteuningsvraag keukentafelgesprekken gevoerd?

b.      Mogen deze inwoners tijdens de keukentafelgesprekken bijgestaanworden door vertrouwenspersonen?

c.       Behouden de ouderen hun oude toewijzing van huishoudelijke hulp zolang er nog geen keukentafelgesprek heeft plaatsgevonden?

Antwoord:

Op de punten A, B, en C is de reactie “Ja”.

 

Vraag 6 (blz. 30 Jeugdbrandweer)

Op welke wijze denkt het College jong volwassen inwoners te stimuleren om brandweervrijwilliger te worden?

Antwoord:

Het stimuleren en werven van jongvolwassenen om vrijwilliger te worden bij de brandweer is een verantwoordelijkheid van de Regionale Brandweer Hollands Midden. De jeugdbrandweer is een belangrijk instrument om jongeren enthousiast te maken voor het zijn van brandweerman c.q. vrouw. De burgemeester heeft in een brief het belang van brandweervrijwilligers aangegeven. In deze brief biedt de burgemeester zijn hulp aan voor het werven van brandweervrijwilligers. Deze ondersteuning zou kunnen bestaan uit: een oproep doen voor vrijwilligers via de gemeentepagina of andere communicatie over het nut van de jeugdbrandweer.

 

Vraag 7 ( blz. 37 Onderzoek uitbreiding vakonderwijs)

“Samen met onderwijs en bedrijfsleven het opzetten van vakonderwijs onderzoeken”.

Aan welke soort vakonderwijs wordt dan gedacht?

Antwoord:

Het opzetten van vakonderwijs geschiedt in regionale samenwerking. Dit proces start in de loop van 2015. Onderdeel van dit proces zal zijn in hoeverre we aansluiting kunnen realiseren tussen de vraag vanuit het bedrijfsleven en het vakonderwijs. Met name omdat op dit moment die aansluiting nog niet optimaal is.  Concreet kunnen we hier noemen techniek, ICT en zorg.

 

Vraag 8 (blz. 43 Heroverwegen ondernemingsfonds in 2017)

“Heroverwegen of naast de hiervoor genoemde regelingen ook een ondernemersfonds gewenst is”.

 Waarom vindt die heroverweging pas plaats in 2017?

Antwoord:

Als gemeente hebben wij met name een faciliterende rol. Het initiatief voor het opzetten van een ondernemersfonds en/of een BIZ ligt bij de ondernemers. De gemeente levert informatie en int heffing. Op dit moment is er te weinig draagvlak bij de ondernemers voor een gemeente breed fonds. Dat heeft enige tijd nodig.

 

Vraag 9 (blz. 45 Toekomstbestendig buitengebied)

“Toekomstbestendig buitengebied  en duurzaam behouden en ondersteunen van de agrarische sector”.

Momenteel bedraagt het gemiddeld aantal koeien per agrarisch bedrijf in Nederland 80.

Hoeveel koeien mogen in de toekomst in de Krimpenerwaard per agrariër gehouden gaan worden?

Antwoord:

De grens aan de groei wordt bepaald in de melkveewet. Hierin is mestafval en daarmee de groei van het aantal koeien gekoppeld aan de beschikbare grond om deze mest af te zetten. Daarnaast bepaalt het bestemmingsplan de maximale bouwcapaciteit binnen het bouwblok. In de ontwikkelingsvisie buitengebied zal schaalvergroting worden meegenomen.

 

Vraag 10 (blz. 48 Andere functies voor vrijkomende agrarische opstallen)

“In het buitengebied zijn voldoende mogelijkheden voor agrariërs om hun bedrijf uit te breiden (zie vraag 9) , en er komt ruimte om vrijkomende agrarische opstallen een andere functie te geven.

Aan welke andere functies wordt hierbij gedacht?

Antwoord:

Het gaat hierbij om functies vanuit het zogenaamde “vernieuwend ondernemen”. Daarbij kan gedacht worden aan theetuinen, bed & breakfast-activiteiten, agrarische dagrecreatie zoals poldersport, agrarische kinderfeestjes, excursies, hoveniersbedrijven, caravanopslag, natuur- en landschapsbeheer, verkoop van zelfgemaakte producten, kleinschalige campings ( 15 kampeermiddelen) etc.

 

Vraag 11 Collectief Particulier Opdrachtgeverschap)

Hiervoor benutten we de mogelijkheden van Collectief Particulier Opdrachtgeverschap.

Kan er op korte termijn al gebruik gemaakt worden van de regeling van het Collectief Particulier Opdrachtgeverschap?

Antwoord:

Dit onderdeel wordt meegenomen in de Woonvisie.

 

Vraag 12 (blz. 12 Promoting Zilverstad Schoonhoven)

“Niet alleen de zilverstad Schoonhoven is illustratief voor het gebied…..”

Zou hier niet wat nader op de bezienswaardigheden in Schoonhoven ingegaan kunnen worden zonder dat het afbreuk doet aan andere kernen?

Antwoord:

Er wordt in 2015 een gebiedsmarketingsplan ontwikkeld waarin de verschillende facetten van de Krimpenerwaard zullen worden meegenomen.

 

Vraag 13 (blz. 69 Samenwerking met de Stadsregio Rotterdam)

Een verkenning naar mogelijkheden om met de Stadsregio (gemeenten Krimpen aan den IJssel, Capelle aan den IJssel en Rotterdam) te komen tot verdere samenwerking op diverse thema’s”.

Aan welke thema’s wordt hierbij gedacht?

Antwoord:

Bijvoorbeeld economie, werkgelegenheid, infrastructuur en toerisme/recreatie.

 

Vraag 14 (blz. 75 Onderhoud van begraafplaatsen)

“We zoeken naar mogelijkheden om de kosten van onderhoud van de begraafsplaatsen te beperken door inzet van vrijwilligers”

Wordt hierbij ook gedacht aan uitkeringsgerechtigden?

Antwoord:

Op dit moment zijn er nog geen concrete plannen om ook uitkeringsgerechtigden in te zetten. Bij de verdere uitwerking zullen we de mogelijkheden onderzoeken.

 

Vraag 15 (blz. 123 Overleg met eigenaren van kiosken in Schoonhoven-Noord)

“Op dit moment vindt overleg plaats met de eigenaren van de Lidl en de kiosken”.

Ons is bekend, dat het overleg met een van de eigenaren van de kiosken moeizaam verloopt.

a.      Is dit het geval?

b.      Bestaat de kans dat de gemeente tot onteigening moet overgaan?

c.       Zo ja, wat is hiervan het gevolg voor het winkelcentrum in Schoonhoven-Noord?

Antwoord:

a.       Dat is inderdaad het geval.

b.      Weg bestemmen en afwachten is ook een mogelijkheid die op lange termijn leidt tot hetzelfde resultaat.

c.       Ons advies is echter om even af te wachten, zeker gezien ontwikkelingsmogelijkheden die er liggen rond de Lidl in relatie tot het potentieel vrijkomen van de locatie van de Krullevaar.

Gevolg is wel dat het winkelcentrum nog even met kiosken blijft functioneren en  nog geen parkeerplaatsen.

 

Vraag 16 (blz. 129  Ontwikkeling leerlingenaantallen basisonderwijs)

Vanaf 1 oktober 2011 tot 1 oktober 2013 is het aantal basisscholen in 2 jaar met 5% verminderd. Er is duidelijk sprake van een negatieve trend van 2 ½ % per jaar. De landelijke prognoses geven aan, dat deze trend zich de komende jaren zal doorzetten.

Op welke cijfers is de prognose van 4851 leerlingen per 1 oktober 2015 gebaseerd?

Antwoord:

Het aantal basisscholen is niet met 5% afgenomen. Het aantal leerlingen daalt wel gestaag met zo’n 2% per jaar. Dat is ook de trend in de gemeente Krimpenerwaard. Deze trend blijkt niet uit de cijfers die in de begroting 2015 zijn verwerkt. Deze cijfers

zijn overgenomen van prognoses uit 2011. De laatste prognoses ( 2014) geven deze trend wel weer. Deze cijfers worden in de begroting van 2016 opgenomen.

 

Vraag 17 (blz. 130 Ontwikkeling bijstandsgerechtigden)

De ontwikkeling van het aantal bijstandsgerechtigden is van 1 januari 2009 tot 1 januari 2014 weergegeven.’

In 5 jaar is er sprake van ongeveer 47%.

Wat is de prognose t.a.v.  de toename van de bijstandsgerechtigden in de komende jaren?  

Antwoord:

Deze prognose is lastig te geven vanwege het  “openeinde “ karakter van de Participatiewet in combinatie met o.a. factoren zoals de economische ontwikkelingen. Het aantal bijstandsgerechtigden ijlt altijd na ten opzichte van een opleving in de economie. Momenteel ( 22 juni 2015) kent onze gemeente 617 uitkeringsgerechtigden ingevolge van de Participatiewet, IOAW en IOAZ. Dit is ten opzichte van 1 januari 2014 een stijging met 24%. In het eerste kwartaal van 2015 is een stijging van 22 uitkeringsgerechtigden waarneembaar. Dat is in het tweede kwartaal 2. De uitstroom is in beide kwartalen nagenoeg gelijk, maar de instroom was in het tweede kwartaal aanzienlijk lager dan in het 1e. kwartaal. Als we toch een uitspraak over de prognose eind 2015 moeten doen dan gaat dit richting 650 uitkeringsgerechtigden.

 

Vraag 18 (blz. 138 Wachtgeld bestuurders uit frictiekosten)

Door de herindeling zijn een aantal wethouders van de voormalige gemeenten op wachtgeld gekomen.

a.      Hoeveel wethouders zijn dat?

b.      Hoe lang worden deze wethouders uit de frictiekosten betaald?

Antwoord:

a.       Zes

b.      De looptijd van het wachtgeld varieert van 9 maanden tot 3 jaar en 2 maanden.

 

Pieter Heerens (fractievoorzitter)

Ada van Buren