Vraag 1, ( Inleiding, blz.4 Samenwerking bibliotheken).

Wat bedoelt het College met “Verkennen van de mogelijkheid tot samenwerking met de bibliotheken in Gouda en Krimpen aan den IJssel met het oog op leesbevordering”?

Antwoord:

Verkend wordt of er mogelijkheden zijn voor slim samenwerken, kennisdeling en innovatie op het gebied van onder andere taalondersteuning, leesbevordering en media-wijsheid.

 

Vraag 2 ( blz. 5 Hoogten van de kortingen)

De overdracht van de rijkstaken naar de gemeenten gaat gepaard met een korting die afhankelijk van het specifieke onderdeel, varieert van 10% tot 40%.

Heeft het College op dit moment (juni 2015) er enigszins zicht op wat deze kortingen in werkelijkheid zullen bedragen?

 

Antwoord:

De rijks kortingen zoals genoemd, oplopend tot bijvoorbeeld 40% op de hulp bij het huishouden zijn verwerkt in de exploitatie. Over het effect van de mei circulaire, waarin onder meer de gevolgen van het doorvoeren van de objectieve verdeelmodellen Jeugd en WMO wordt u later geïnformeerd.

 

Vraag 3 (blz. 9 Bevorderen van behalen van zwemdiplima’s).

a.      Er is sprake van de zwemdiploma’s A, B, en C.

Om welke zwemdiploma’s  gaat het?

b.      Hoe hoog is momenteel is percentage van kinderen die over een zwemdiploma beschikken?

 

Antwoord:

a.       Doel is het behalen van tenminste een zwemdiploma

b.      Met de schoolbesturen willen we overleggen wat de verhouding is wel/geen zwemdiploma op dit moment.

 

Vraag 4 (blz. 13, 14 Aantal wijkagenten en BOA’s)

a.      “In onze gemeente verdient iedere kern zijn wijkagent”.   

Krijgen we dan in de Krimpenerwaard 11 wijkagenten?

b.      Hoeveel Boa’s worden in vaste dienst genomen?

 

Antwoord:

a.       Nee er zijn 6 wijkagenten. Maar één wijkagent is ziek. Er zijn daarnaast 3 hoofdagenten die een expertfunctie hebben en zij verzorgen ook de werkzaamheden van een wijkagent. Dus de capaciteit is ruim voldoende.

b.      De huidige inhuur  beslaat zo’n 90 uur en die is beschikbaar voor het aannemen in vaste dienst van de boa’s. Wellicht komen er 3 of 4 in dienst. In najaar vindt evaluatie plaats.

 

Vraag 5. (blz. 17 Werkloosheid bij volwassenen van 45 tot 65 jaar).

Momenteel zijn er in Nederland 130.000 werklozen tussen de 45 en 65 jaar, die zeer moeilijk een baan vinden.

a.      Hoeveel werklozen zijn er in deze categorie in de Krimpenerwaard?

b.      Op welke wijze denkt de gemeente deze werkloosheid te bestrijden?

 

Antwoord:

a.       Momenteel zijn er in de Krimpenerwaard 275 werklozen in de categorie 45-65 jaar.

b.      De aanpak van werkloosheid onder ouderen is een uitdaging voor het college. In de in voorbereiding zijnde Participatienota 2015- 2018 besteden we aandacht hieraan. Denkrichtingen zijn kleinschalige werkgelegenheidsprojecten, al dan niet door inschakeling van Promen, onderzoeken van omscholingsmogelijkheden etc. Uitgangspunt daarbij is om zoveel mogelijk aan te sluiten bij de vraag van de werkgevers in de regio. Het succes van de bestrijding van de werkloosheid onder deze doelgroep hangt ook in grote mate af van de economie en de bereidheid van werkgevers om oudere werknemers in dienst te nemen.

 

Vraag 6, (blz. 18  Aantal garantiebanen voor mensen met een arbeidshandicap in eigen organisatie of gemeenschappelijke regelingen)

Als prestatie-indicator wordt aangegeven: 2 garantiebanen voor 2015 en 2016.

De overheid moet voor 25.000 garantiebanen zorgen.

Is onze prestatie-indicator dan niet veel te laag?

 

Antwoord:

De overheidssector moet in 2023 25.000 extra banen hebben gecreëerd voor mensen met een arbeidsbeperking. Ten aanzien van de gemeenten, inclusief de gemeenschappelijke regelingen, is afgesproken dat zij 5.250 banen voor hun rekening nemen. In 2015 en 2016 moeten gemeenten, inclusief gemeenschappelijke regelingen 630 respectievelijk 735 banen hebben gecreëerd. Het College voor Arbeidszaken en de commissie Werk en Inkomen van de VNG hebben geadviseerd dat elke gemeente in 2015 minimaal één extra baan creëert. Dat zijn dus 393 banen. De resterende banen 237 (630 minus 393) worden gelijk verdeeld over alle 35 arbeidsmarktregio’s. dat is dus 7 per arbeidsmarktregio. Wij adviseren gemeenten om in hun arbeidsmarktregio  met elkaar te overleggen over de verdeling van deze 7 banen. In de regio wordt momenteel overlegd over de verdeelsleutel voor 2015.

 

Vraag 7, (blz. 18  Aantal garantiebanen voor bestrijding van jeugdwerkloosheid en werkloosheid bij werknemers boven de 45 jaar).

Als prestatie-indicator wordt aangegeven: 13 garantiebanen voor 2015 en 2016.

Het bedrijfsleven moet voor 100.000 garantiebanen zorgen.

Is onze prestatie-indicator dan niet veel te laag?

 

Antwoord:

De marktsector moet in 2023 100.000 banen hebben gecreëerd voor mensen met een arbeidsbeperking. De Landelijke Werkkamer heeft een verdeling van deze banen gemaakt over de 35 arbeidsmarktregio’s. Voor de arbeidsregio Midden-Holland is uit deze verdeling gekomen dat in 2015 en 2016 175 extra banen moeten worden gerealiseerd. Op basis van de verdeelsleutel aantal uitkeringsgerechtigden is het aantal extra banen voor onze gemeente uitgekomen op 13 banen in 2015 en 2016.

 

Vraag 8. (blz. 19 Intensivering inzet vrijwilligersorganisaties voor reactivering klanten).

a.      Wat houdt de inzet van de tegenprestatie bij maatschappelijke instellingen in?

b.      Is deze tegenprestatie afdwingbaar?

 

Antwoord:

a.       Het moet gaan om activiteiten die nuttig zijn voor de lokale omgeving of voor de gemeente zelf. Aanvullend om werkzaamheden die additioneel zijn op reguliere arbeid en marktconform geen vergoeding tegenover staat. Het gaat dus om activiteiten die nuttig zijn voor de samenleving maar niet rendabel voor commerciële partijen.

b.      Ja, mits rekening gehouden is met de volgende factoren:

* De tegenprestatie moet naar vermogen kunnen worden verricht door een belanghebbende;

* De persoonlijke situatie en individuele omstandigheden van een belanghebbende moet in aanmerking genomen worden;

* De persoonlijke wensen en kwaliteiten van een belanghebbende moeten in overweging genomen worden;

* Als een belanghebbende al maatschappelijke activiteiten of vrijwilligerswerk verricht, moet daarmee rekening gehouden worden. 

 

 

Vraag 9 (blz. 22, 24 Aantal ZZP-ers en database)

Als gevolg van de huidige arbeidsmarkt zijn er relatief veel ZZP-ers

a.      Hoeveel ZZP-ers zijn er momenteel in de Krimpenerwaard?

b.      Wanneer wordt de database opgezet voor lokale bedrijven voor ZZP-ers en lokale bedrijven die werkzaamheden voor de gemeente zouden kunnen verrichten?

Antwoord:

a.       Er is bij ons niet exact bekend hoeveel zzp-ers in de Krimpenerwaard zijn. In het rapport “De kracht van de Krimpenerwaard” van de Rabobank staat dat er in de gehele Krimpenerwaard ( inclusief Krimpen aan den IJssel) 3900 zzp-ers zijn.

b.      Hoewel het vooralsnog niet het plan is een database op te stellen van zzp-ers, zullen we deze suggestie overwegen. Ook zullen we deze groep ondernemers actiever opzoeken ( er is bijvoorbeeld al aangegeven dat een avond wordt georganiseerd over inkoop waar bedrijven en zzp-ers zich kenbaar kunnen maken aan de gemeente). 

 

Vraag 10(blz. 22 Onderzoek mogelijkheden glasvezelnetwerk in buitengebied)

“Wij onderzoeken de mogelijkheden van een glasvezelnetwerk in het buitengebied”.

a.      Hoe ver is dat onderzoek?

b.       Worden bij dit onderzoek ook belanghebbenden uit het buitengebied betrokken?

c.       Wanneer zou het glasvezelnetwerk in het buitengebied ingevoerd kunnen worden?

Antwoord:

a.       Dit onderzoek is nog niet gestart en staat op de planning voor 2016.

b.      Bij dit onderzoek zullen ook belangenorganisaties uit het buitengebied betrokken worden. Wij weten niet of er een glasvezelnetwerk gerealiseerd wordt. De gemeente is faciliterend.

c.       De realisatie hangt af van de uitkomsten van de verkenning, zoals de vraag, de mogelijkheden en de bijbehorende kosten.

 

Vraag 11 (blz. 26 Gebiedsovereenkomst/Kavelruilen in Den Hoek)

 Hoe groot is de bereidheid van de boeren in Den Hoek tot kavelruilen?

 

Antwoord:

Het gaat hierbij om een vrijwillige kavelruil waarbij het voor boeren een voordeel is om mee te doen. De boeren krijgen kavels dichter bij hun huis wat efficiënter is voor de bedrijfsvoering. Het traject is nu in de fase dat met de betreffende agrariërs wordt gesproken. Het zijn juist de boeren die een belang in kavelruil zien en dus ook aandringen op een vlotte afwikkeling.

 

Vraag 12 (blz. 29 Sociale woningbouw in de Krimpenerwaard)

Onlangs is gebleken dat er in de Krimpenerwaard een tekort is van 500 woningen in de goedkope huursector.

a.      Is het College van plan hierover prestatieafspraken te maken met de woningcorporatie QUA WONEN?

b.      In hoeverre wordt de huurdersvereniging hierbij betrokken?

 

Antwoord:

In de woonvisie wordt hier nader op ingegaan. Het college heeft in de commissievergadering van 9 juni jl. de toezegging gedaan om het schaarste rapport nader te bespreken. De huurdersbelangen worden hier ook voor uitgenodigd. Dit wordt voorbereid en opgepakt door de Federatie voor Woningcorporaties. Uitnodiging van deze federatie volgt via de griffie. De huurdersbelangen worden te zijner tijd sowieso betrokken bij de totstandkoming van de woonvisie.

 

Vraag 13 (blz.37 Versterking IJsseldijk)

“ Samen met het Hoogheemraadschap Krimpenerwaard wordt in het kader van het hoogwaterbeschermingsprogramma 3 gewerkt aan de versterking van de IJsseldijk”.

Is dit niet een bijna onmogelijke actie, gezien de vele woningen die bij de Lage Weg pal aan de dijkvoet liggen?

Antwoord:

 Tijdens de derde toets ronde 2011, een zogenaamde APK-keuring waarbij de dijken op veiligheid zijn getoetst is de IJsseldijk geheel afgekeurd. De IJsseldijk voldoet niet aan de norm en kan de veiligheid niet waarborgen. Het is niet acuut, maar wel urgent om de dijk te versterken. Als initiatiefnemer heeft het Hoogheemraadschap van de Krimpenerwaatd (HHSK) het betreffende dijkversterkingsproject inmiddels opgestart. Het project bevindt zich momenteel in de initiatiefase waarin onderzoek wordt gepleegd naar de technische toepassingen en haalbaarheid. De HHSK realiseert zich als ervaren dijkenbouwer dat de impact van het project op de omgeving groot is. Nader gedetailleerd onderzoek wordt uitgevoerd om de projectgrenzen goed te kunnen bepalen. Voor de te versterken dijkvakken worden alle oplossingen in kaart gebracht en zal in gesprek worden bepaald wat de beste oplossing is. Deze zullen technisch beschouwd worden maar ook qua  impact en hinder op de omgeving en hoe ze ruimtelijk inpasbaar zijn.

 

Vraag 14 (blz. 40 “Recreatie en Toerisme”)

In deze notitie wordt het landelijk gebied van de Krimpenerwaard erg gepromoot.

Over Schoonhoven staat alleen vermeld “de zilverstad Schoonhoven”.

 

Graag zou ik in deze notitie een korte beschrijving zien opgenomen over wat er zoal in de zilverstad  Schoonhoven te zien valt.

Ik stel dan ook voor om daar een alinea aan te wijden.

Antwoord:

Het betreft hier de tekst van het Coalitieakkoord, zoals vastgesteld door de gemeenteraad. Bij de uitwerking van het Gebiedsmarketingplan ( 9.1) zal aandacht besteed worden aan wat de zilverstad Schoonhoven te bieden heeft.

 

Vraag 15 (blz. 45 en  47  Inwonerstevredenheidsonderzoek over de huidige dienstverlening en evaluatie van de bereikbaarheid van de gemeente via KCC en serviceloketten)

a.      Wanneer gaat het inwonerstevredenheidsonderzoek in 2015 plaatsvinden?

b.      En wanneer vindt de evaluatie van de bereikbaarheid van de gemeente plaats?

Antwoord:

a.       De ambtelijke voorbereiding voor het inwonerstevredenheidsonderzoek is gepland in september. De uitvoering staat gepland voor het 4e kwartaal.

b.      De evaluatie van de bereikbaarheid is gepland in september/oktober 2015.

 

 

 Pieter Heerens ( fractievoorzitter)

Ada van Buren